Leestijd: 5 minuten

De strijder en de koning: de twee wegen naar vloeiend spreken.

Er bestaan twee wegen die leiden naar vloeiend spreken. De eerste is die van het je best doen om van het stotteren af te komen. De tweede is die van het je niet langer inspannen om vloeiend te spreken.

Het eerste pad is die van de strijder, het tweede pad die van de koning. Dit is natuurlijk beeldspraak, let daar even op en neem het niet te letterlijk. Toch kun je jezelf straks eens afvragen welk pad jij wilt bewandelen.

Het pad van de strijder.

Dat eerste pad van de strijder is er een waarop iemand met zwaard en strijdwagen de vijand tegemoet gaat. Onderweg is deze strijder continue alert op dreiging, dat moet wel want gevaar kan elk moment de kop opsteken.

Hij loopt op zijn tenen, zo voorzichtig mogelijk, want elk slippertje is hem fataal. Ondertussen moet er gevochten worden voor elke centimeter aan winst, terwijl de overwinning nog lang niet in zicht is. Tot rust komen zit er voor hem niet in.

Het is een tocht door loopgraven, een uitputtingsslag en een onzeker leven. Gevaarlijke plekken worden vermeden en er heerst een wantrouwen naar iedereen toe, want iedereen kan een vijand zijn.

Daarom moet alles tot in detail gecontroleerd worden, want zelfs na het behalen van een overwinning bestaat de kans dat er toch weer een tegenstander opstaat om de zogenaamde vrede onderuit te halen.

Het pad van de koning.

Dat tweede pad, die van de koning, is er een waarop iemand al plaats heeft genomen op de troon, en het meest ontspannen leven leeft van iedereen. Nogmaals, dit is beeldspraak.

De koning is de strijd ontstegen, heeft de loopgraven achter zich gelaten en bewandelt nu het Koninklijke Pad. In tegenstelling tot die van de strijder, is dit het pad van de ontspannen houding.

De koning heeft de vrede in zichzelf gevonden, waardoor het hele koninkrijk in vrede leeft. Hij hoeft niet langer uit angst steeds over zijn schouders te kijken, lettend op gevaar. Nee, de rust is er gewoon.

En omdat de rust en vrede er is, valt het moeten controleren weg. Waar de strijder leeft in een verscheurde wereld, leeft de koning in harmonie met zowel zichzelf als alles om hem heen. Wat zou hem nog kunnen deren? Helemaal niets!

Hetzelfde resultaat, maar…

Er is een heel groot verschil. De strijder kan vloeiend spreken behalen, maar blijft voorgoed in strijd met stotteren. Dat is zijn lot. Rusten is voor hem geen optie, ontspannen kan hij niet, want de controle over het vloeiende spreken moet behouden blijven. Een slippertje en het is weer mis!

De koning daarentegen is de rust zelve, is de zelfverzekerdheid zelve, is het vertrouwen zelve, is de vrede zelve en is de harmonie zelve. Daardoor is hij de vloeiende spreker, en kan hij onder geen enkele omstandigheid omvallen omdat zijn koninkrijk staat als een huis. Niets kan hem doen omvallen.

Beide behalen aan de buitenkant hetzelfde resultaat, maar de innerlijke belevingswereld is van een totaal andere orde. Je zou haast zeggen dat de ene die van de hel is, en de andere van de hemel. De ene is die van het drinken van slootwater, en de andere die van het nuttigen van de allerhoogste kwaliteit honing.

Een waarheid als een koe.

Vrijwel iedereen die stottert begint als die vechter op het strijderspad, en dat komt omdat het ons zo wordt verteld. We denken dat iets beter lukt als we daar ons best voor doen, er de schouders onder zetten, maar dat hebben we ons dan vooral mooi laten aanpraten.

Als er iets is dat een waarheid is als een koe, dan is het wel dat het spreken beter gaat zodra we er niet ons best voor doen, waardoor het meer ontspannen en spontaner kan stromen. Gaan we vechten, dan verkrampen we de boel en stokt de stroom, we gaan stotteren.

Het is dan maar welke weg je wilt bewandelen, de ene is ook niet perse leuker dan de ander. Voor mij is loslaten het heerlijkste wat er is, maar iets overwinnen geeft sommige anderen zo’n kick dat ze er verslaafd aan raken en er niet aan moeten denken het strijden los te laten.

Het kennen van beide werelden.

Een strijder kent alleen zijn oorlogswereld, weet niets van die van de koning en kan er zich ook geen voorstelling van maken. Sterker nog, als hij de koning tegenkomt zal hij hem proberen te overtuigen weer terug te komen naar het drinken van slootwater!

De koning kent echter beide werelden, ook hij begon als strijder maar stopte daar niet: hij ging door met ontwikkelen. En omdat hij beide werelden kent is hij onder geen enkel geding over te halen om terug te keren. Geen omgeving kan hem meer misleiden en meesleuren, terug naar de duistere dieptes.

De koning is onbeweegbaar, zijn geloof onwrikbaar. Maar niet vanuit controle, niet door de eremedailles die hem zijn opgespeld waarin hij een valse zekerheid vindt, maar vanuit een oervertrouwen dat diep in de aarde geworteld is. Zijn koninkrijk is onverwoestbaar.

De transitie in het stotteren.

Langzaam maar zeker gaan we van vechten naar vrede, van overleven naar leven, van strijden tegen het stotteren naar het loslaten daarvan.

Loslaten is het pad van ontspanning, spontaniteit en de werkelijke rust. Het is het pad van gezondheid, het werkelijke genieten en het echte vloeiende spreken.

Het is natuurlijk zo dat elke overgang ietwat ongemakkelijk en gek aanvoelt, we zijn het immers niet gewend. Daar ademen we dan maar doorheen, en we lopen rustig met goede moed verder. Wie eenmaal proefde van de honing wil niets anders meer en blijft zich oefenen in loslaten.

Het Koninklijke Pad.

Meer en meer mensen betreden dit ‘Koninklijke Pad’. Het is niet het pad waarmee je jezelf op een voetstuk plaatst, of om mee op de borst te slaan, maar voor een transformatie waarin diepe rust en vrede gevonden kan worden.

Het is wel duidelijk dat niet iedereen nou staat te popelen om het strijden op te geven, dat is allemaal prima want zo heeft iedereen zijn eigen moment. Of helemaal niet, maar dan misschien in een volgend leven!

Wie er wel klaar voor is staat aan de vooravond van een nieuwe vorm van spreken en leven, hij of zij staat voor de poort van een totaal nieuwe dimensie, waar geen juiste woorden voor te vinden zijn: alleen proeven doet geloven.

Het is het pad dat je kiest dat het grote verschil gaat maken. Laten we eerlijk zijn, vechten is ook lekker! Maar lang niet zo heerlijk als loslaten. Je kiest zelf het pad dat je gaat, maar weet dat de keus voor het loslaten er elk moment van de dag is, altijd, en er blijft liggen totdat je er klaar voor bent.

Hille

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *