Kijktijd: 15 minuten

Het Loslaten van Stotteren: insteek en aanpak

In deze video vertelt Sjoerd hoe we bij Broca Brothers stotteren benaderen, en aanpakken.

Weten wat stotteren is

Wanneer je wat aan je stotteren wilt doen, dan is het nuttig om te weten wat stotteren is. Een auto repareer je ook niet zonder te weten waar het probleem ligt.

Dat legt Sjoerd uit aan de hand van een stift, een bord en een aantal vragen.

Waarmee we dan uiteindelijk tot de conclusie komen dat stotteren helemaal geen spraakprobleem is.

Dat mensen die stotteren eigenlijk al vloeiend kunnen spreken, maar dat er (soms) nog iets in de weg zit.

Dat wat er in de weg zit – denk aan spierspanning, emoties of gedachten – kunnen we loslaten.

Als we het hebben over het ‘loslaten van stotteren’, dan hebben we het dus over het loslaten van dat wat er in de weg zit van het vloeiende spreken.

Zijn die dingen ‘opgeruimd’, dan kan het spreken weer royaal gaan stromen. Het heet niet voor niets ‘vloeiend’ spreken natuurlijk.

In ieder geval veel kijkplezier gewenst, en laat je weten wat je ervan vind in de reacties hieronder?

Tot sprekens,

Hille & Sjoerd

 

Leestijd: 3 minuten

De eerste stap uit het stotteren

loslaten stotteren

Zet je nu de eerste juiste eerste stap uit het stotteren, dan scheelt je dat een hoop gedoe in de toekomst. Dus welke is het?

Stotter je altijd als je spreekt?

Laten we beginnen met een vraag: stotter je altijd als je spreekt? Het antwoord daarop weten we stiekem al, en dat is: nee. Wellicht heb je korte vloeiende momenten, of misschien zelfs vloeiende dagen of langer.

En waarom spreek je op sommige momenten vloeiend? Je voelt je op je gemak, je bent ontspannen of niet bezig met stotteren. Je zit lekker in je vel en bekommert je niet andermans mening. Dan lukt het gewoon.

Maar waarom lukt het niet altijd om vloeiend te spreken? Je voelt je gespannen, gehaast of staat onder druk. Je bent dan met het stotteren bezig, en dan meestal in de negatieve zin met gedachten en zo.


Eenvoudige vergelijkingen, daar houden we van.

Momenten van stotteren vs momenten van vloeiend spreken

Vergelijken we de momenten waarin we stotteren met de momenten waarin we vloeiend spreken, dan wordt het beeld steeds helderder.

Zoals je ook op bovenstaande foto kunt zien, ervaren we op de momenten dat we stotteren verkramping, spanning, druk, emoties en gedachten.

In de momenten dat we spontanerwijs vloeiend spreken, ervaren we de afwezigheid van die dingen, en om het simpel te zeggen: dan zijn we ontspannen.

Ter notitie: het gaat hier dan wel echt om momenten van moeiteloos spreken. Niet om ‘vloeiend’ spreken waar toch nog spanning en inzet achter schuilgaat.

Ons spraakprobleem is geen spraakprobleem

Kunnen we nu ook al een conclusie trekken? Een voorzichtige in ieder geval: als we ontspannen en op ons gemak zijn spreken we vloeiend(er) en als we gespannen zijn stotteren we (meer).

Dat zijn toch op z’n minst interessante gegevens, vind je niet? Want daarmee zouden we kunnen stellen dat ons spraakprobleem misschien helemaal geen spraakprobleem is.

In principe zijn we al in staat tot vloeiend spreken. Maar op het moment dat spanning, emoties of gedachten tussen ons en het vloeiende spreken in komen te staan, gaan we stotteren.

Daarmee zou stotteren dan het symptoom van achterliggende redenen (spanning, emoties en/of gedachten) zijn. Lossen we die op, dan kan het spreken moeiteloos stromen.

Maar soms…

Maar soms voelt iemand zich op zijn gemak en toch is het stotteren daar. Het lijkt dan alsof stotteren uit het niets komt, want schijnbaar was er geen aanleiding voor.

Nietsvermoedend, zonder enige waarschuwing kan het stotteren je dan toch ‘overkomen’. Met als conclusie dat er toch op z’n minst nog een andere oorzaak voor het stotteren moet zijn.

Dat klopt ook helemaal, maar voordat je dan ‘de hersenen’ roept, kunnen we misschien beter eerst kijken naar een ander, totaal onderbelicht fenomeen.

Een ‘stiekeme’ oorzaak van stotteren

Het kan namelijk ook voorkomen dat je je ontspannen voelt, maar dat in werkelijkheid niet bent. Dit komt simpelweg door onbewuste spanning.

Dit is spanning die door de jaren heen is opgebouwd, maar nooit goed is losgelaten. Wat gebeurt er dan? Door het niet-loslaten wordt de gespannenheid ‘normaal’ en raak je eraan gewend.

Dan kan het zijn alsof er geen aanleiding voor het stotteren was, maar die was er ‘stiekem’ wel. Spieren zoals het middenrif of de tong zijn aangespannen zonder dat je het merkt, en veroorzaken zo stotteren.

Stotteren is daarmee als een ijsberg: het heeft bewuste oorzaken (de ijsberg boven water), en onbewuste oorzaken (de ijsberg onder water). In dit geval bewuste en onbewuste spanning.


De ijsberg van stotteroorzaken: bewuste spanning boven water, onbewuste spanning onder water.

Diep ontspannen als eerste stap

Omdat spanning, druk en stress meestal de eerste antwoorden zijn op de vraag ‘wat gebeurt er tijdens het stotteren’, is ontspannen ook het eerste wat we zouden voorstellen.

Wanneer we dan ook nog eens weten dat onbewuste spanning ook een aardige rol speelt in het stotteren, lijkt goed ontspannen al helemaal het juiste beginpunt.

Gewoon eerst eens diep ontspannen, voordat je bijvoorbeeld met spreekoefeningen in de weer gaat, of gaat filosoferen over emoties en gedachten.

Lichaam en geest

Maar laten we het eerst nog hebben over waarom we niet bij gedachten beginnen. Want veel mensen die stotteren stellen dat denken hun probleem is.

De geest (het denken) is inderdaad een aardige stotteroorzaak. Het denken werpt blokkades op door lichamelijke reacties uit te lokken. Maar andersom is dat ook het geval.

De (bewuste en onbewuste) spanning in het lichaam lokt bepaald denken uit. Dus zonder eerst een begin te maken aan het opruimen van lichamelijke spanning, blijven gedachten maar komen.

Een mooi voordeel is dat het denken met het lichaam mee kan ontspannen, terwijl dat andersom dan weer niet zo het geval is. Daarom werkt positief denken ook nooit zo geweldig, want daarmee laat je (oude) spanning niet los.

Dus als je niet wilt blijven dweilen met de kraan open, adviseren we het volgende: eerst goed ontspannen, kijken we daarna wel verder.

Het echte ontspannen

Maar dan komen we op de vraag hoe we echt goed ontspannen. Want op de bank ploffen, met wat chips erbij en een filmpje van schattige katten zal wel niet de oplossing zijn, toch?

Nee, was het maar zo’n feest. Het opruimen van spanning komt wel precies, wat ook een van de redenen is dat hippe ontspanningsmethodes, als yoga, niet echt werken voor mensen die stotteren.

Veel ontspanningsmethodes zetten geen echte zoden aan de dijk. Het ruimt niet op. En dus zelfs al bij zoiets ‘simpels’ als ontspannen kun je dus wel wat goede hulp gebruiken.

De bekkenademhaling

Ontspannen, wat inhoudt dat je daarmee ook daadwerkelijk recente en oude spanningen opruimt, valt of staat bij het juiste ademen. Het ademen vanuit de bekken om precies te zijn.

Dit is waar de adembeweging van nature hoort te liggen. Als je inademt zou je bekken subtiel rond moeten worden. Ook de bekkenbodem doet mee. Dat gebeurt meestal niet, omdat men de adembeweging hoger heeft zitten.

Adem je te hoog in dan creëer je spanning. Adem je dan ook nog eens niet volledig uit, dan houd je die spanning vast. Dus door alleen al verkeerd te ademen creëer je stotterproblemen.

Leer je ademen vanuit de bekken, dan hoef je allereerst geen nieuwe spanningen meer aan te maken. Daarnaast stel je jezelf in staat om oude werkelijk los te laten, en dat is diep ontspannend.

Nou zitten er nog wel meer ‘geheimen’ in het ademen verborgen, zoals het feit dat we er ook emoties en gedachten mee kunnen opruimen. Maar daar komen we dan later wel op terug.

De eerste stap uit het stotteren

Voor nu is er wel even genoeg verteld. Waarmee we dan eindigen met de stelling dat adem-ontspanningsoefeningen, gebaseerd op de bekkenademhaling, de eerste stap uit het stotteren is.

In de praktijk bewijst het zich ook. Want door middel van deze ontspanningsvorm, ontspant men vaak meer dan dat ze in eerste instantie voor mogelijk hielden. En daar geniet het spreken dan van mee.

Hille & Sjoerd